Wat kan ik toevoegen als jonge toezichthouder of commissaris?

Veel professionals die voor het eerst nadenken over een rol in een RvT stellen zichzelf diezelfde vraag. Misschien herken jij hem ook. En denk je: “Ik heb nog geen (jarenlange) bestuurservaring. Of ik ken de sector niet van binnenuit. Wat voeg ik dan eigenlijk toe?” Juist die gedachten houden veel talentvolle mensen onnodig aan de zijlijn.

Wie kijkt naar de nieuwe generatie toezichthouders ziet namelijk iets anders gebeuren. Organisaties zoeken steeds vaker mensen die niet alleen ervaring meenemen, maar ook nieuwe perspectieven. Mensen die andere vragen stellen, die actuele kennis inbrengen en die signalen oppikken die voor anderen vanzelfsprekend zijn. De waarde van toezicht zit niet altijd in wat je al weet. Soms zit die juist in wat je nog niet vanzelfsprekend vindt.

De kracht van de buitenstaander

Dat ontdekt ook Antal tijdens haar eerste ervaring als toezichthouder. Met een achtergrond in cybersecurity, ondernemerschap en AI stapt zij een zorgorganisatie binnen. Een wereld die op papier ver van haar af staat. Juist daardoor ziet zij dingen die anderen minder snel opmerken. Waar zorgprofessionals vooral naar de dagelijkse praktijk kijken, kijkt zij naar risico’s, digitale veiligheid en de gevolgen van technologische ontwikkelingen. Ze stelt vragen die niet direct uit de zorg komen, maar wel relevant blijken voor de toekomst van de organisatie.

Dat is precies wat veel raden van toezicht vandaag nodig hebben. Organisaties opereren in een wereld die steeds sneller verandert. Thema’s als digitalisering, cybersecurity, AI, duurzaamheid en arbeidsmarktontwikkeling raken vrijwel iedere sector. Nieuwe vraagstukken vragen om nieuwe perspectieven. Een toezichthouder hoeft daarom niet altijd de meeste ervaring binnen een sector te hebben. Soms is het juist waardevol om vanuit een andere achtergrond mee te kijken.

Eerst begrijpen wat toezicht écht is

Toch begint goed toezicht niet met expertise. Het begint met begrijpen wat je rol eigenlijk is. Voor veel startende toezichthouders blijkt dat een eyeopener. Op papier lijkt het eenvoudig: toezicht houden, adviseren en kritisch meedenken. In de praktijk vraagt dat iets anders. Je moet leren wanneer je de juiste vraag stelt en wanneer je zwijgt. Op welk moment je advies geeft en je even later weer ruimte laat. En hoe je de juiste afstand bewaart tot de bestuurder.

Dat klinkt logisch, maar blijkt vaak lastiger dan verwacht. Zeker voor professionals die gewend zijn om problemen op te lossen en besluiten te nemen. De verleiding om zelf te gaan sturen ligt altijd op de loer. Goed toezicht vraagt juist om iets anders: luisteren, spiegelen, signaleren en de juiste vragen stellen. Niet op de stoel van de bestuurder gaan zitten, maar ervoor zorgen dat die bestuurder betere besluiten kan nemen.

Toezicht is veranderd

Het beeld van de toezichthouder als controleur die een paar keer per jaar aanschuift voor een vergadering past steeds minder bij deze tijd. Moderne raden van toezicht zoeken naar een andere balans. Natuurlijk blijft toezicht houden een wettelijke kerntaak, maar daarnaast groeit het belang van de rol als sparringpartner, klankbord en strategisch gesprekspartner in complexe dynamieken. Dat vraagt om andere vaardigheden.

Nieuwsgierigheid, reflectievermogen, het vermogen om lastige vragen te stellen zonder  oordeel en vooral: de bereidheid om verschillende perspectieven samen te brengen. Voor veel jonge professionals voelt deze vorm van toezicht verrassend natuurlijk. Ze zijn gewend om samen te werken, feedback te geven en complexe vraagstukken vanuit meerdere invalshoeken te bekijken. Juist daarom brengen zij vaak iets mee wat organisaties hard nodig hebben.

Van ambitie naar ervaring

Claire DubbelaarVoor veel professionals blijft één vraag vervolgens over: hoe kom je binnen? Want ergens tussen ambitie en een daadwerkelijke toezichthoudende functie zit vaak een lastig gat. Raden van toezicht vragen ervaring, terwijl je die toezichthoudende ervaring juist nog moet opbouwen.

Claire Dubbelaar (32), manager non-financial risk en voorzitter van TOPFEM, ziet dat regelmatig. “Voor toelating tot SER Topvrouwen is ervaring als bestuurder of toezichthouder vaak een vereiste. Dat is nu juist iets wat veel talentvolle vrouwen nog niet hebben.” Volgens haar zouden organisaties daarom minder moeten kijken naar het aantal dienstjaren en meer naar de actuele kennis en frisse blik die iemand meebrengt.

Toch hoeft dat geen reden te zijn om te wachten. De eerste stap begint vaak niet met een benoeming, maar met ontdekken, leren en ervaring opdoen.

De samenleving heeft meer perspectieven nodig

Of je nu werkt in de zorg, het bedrijfsleven, de overheid, technologie of finance: jouw ervaring kan waardevol zijn voor een organisatie die voor complexe keuzes staat. Denk aan de kennis die je meebrengt over AI, jouw begrip voor jonge medewerkers, wellicht zie jij risico’s die anderen missen of stel je precies die vraag die nog niemand heeft gesteld. De vraag is daarom niet alleen of je iets toevoegt, maar welke unieke blik jij meebrengt. Juist die verschillen maken een raad van toezicht sterker, en uiteindelijk ook de organisaties en de samenleving waarvoor zij werken.

Wil jij je verder oriënteren, al je vragen aan een professional stellen en leren van gelijkgestemden? Meld je aan voor de Oriëntatieweek: Is toezichthouder worden iets voor mij? Of neem contact op met Caroline Wijntjes.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *