Het is een vraag die veel toezichthouders herkennen. Niet tijdens de vergadering, maar juist daarna. Wanneer de agenda is afgewerkt en de rust terugkeert. Je denkt terug aan het gesprek met de bestuurder, een discussie binnen de RvT of een besluit dat net niet helemaal goed voelde. Niet omdat er iets misging, maar omdat je achteraf besefte dat je misschien een andere vraag had kunnen stellen.
Juist op die momenten laat de praktijk zien dat goed toezicht meer vraagt dan kennis van governance of wet- en regelgeving. Goed toezicht vraagt namelijk om reflectie en om af en toe uit de dagelijkse praktijk te stappen en met andere toezichthouders stil te staan bij je eigen handelen. Niet om elkaar te vertellen wat de juiste oplossing is, maar om samen je vraag of behoefte te expliciteren of om nieuwe perspectieven te ontdekken. Dat is precies de kracht van intervisie.
Niet het antwoord, maar de vraag
Als jurist bij de Rechtbank Gelderland begeleidt Merel van Erp zelf intervisies voor rechters en juristen. In haar rol als toezichthouder merkte ze opnieuw hoe krachtig het is wanneer mensen niet direct met oplossingen komen. Ze bracht een situatie waarin ze achteraf vond dat ze te lang had gewacht met het uitspreken van haar zorgen.
De groep vroeg niet wat ze had moeten doen, maar vooral waarom ze had gewacht. “Dan kijk je niet alleen naar de situatie, maar ook naar jezelf”, vertelt Merel. “Waarom reageer ik zoals ik reageer? Wat maakt dit lastig?” Volgens haar zit daar de echte verdieping. Niet de casus staat centraal, maar de professional achter de casus.
Ook ervaren toezichthouders blijven leren
Intervisie is daarmee zeker niet alleen interessant voor beginnende toezichthouders. Juist ervaren toezichthouders blijken veel waarde te hechten aan een plek waar zij vrij kunnen reflecteren op hun rol. Dat geldt ook voor Raymond Kriekaard, RvT-voorzitter bij INOS. Toen hij gevraagd werd voorzitter te worden van een grote onderwijsorganisatie, besloot hij bewust deel te nemen aan een intervisiegroep. “Ik wilde ontdekken welke voorzitter ik eigenlijk wil zijn.”
Door de praktijkervaringen van andere voorzitters te horen, werd hij zich bewuster van zijn eigen stijl. Inmiddels kiest hij heel bewust voor een faciliterende rol. Niet zelf de meeste antwoorden geven, maar ervoor zorgen dat de kennis en ervaring van alle toezichthouders optimaal benut worden. “Intervisie houdt mij scherp”, zegt Raymond. “Je hoort hoe anderen omgaan met vergelijkbare dilemma’s en dat zet je aan het denken over je eigen handelen.”
Herkenning maakt het verschil
Hoewel Raymond en Merel verschillende achtergronden hebben, delen ze dezelfde ervaring. Vrijwel iedere toezichthouder denkt vooraf dat zijn of haar dilemma uniek is. Tot de verhalen op tafel komen, dan pas blijkt hoe herkenbaar veel vraagstukken eigenlijk zijn.
Juist die herkenning zorgt ervoor dat deelnemers zich snel veilig voelen. Natuurlijk vraagt dat om vertrouwelijkheid, respect en een goede gespreksleider. Maar zodra die basis er is, ontstaan gesprekken die je binnen je eigen RvT niet altijd voert. Gesprekken waarin ruimte is voor twijfel, kwetsbaarheid en verschillende perspectieven.
Die diversiteit maakt intervisie volgens de twee toezichthouders juist zo waardevol. Deelnemers uit verschillende sectoren kijken ieder vanuit hun eigen ervaring naar een casus. Wat voor de één vanzelfsprekend is, blijkt voor een ander een compleet nieuwe invalshoek. Dat verruimt niet alleen je blik, maar helpt ook om met meer vertrouwen keuzes te maken in je eigen toezichthoudende praktijk.
Blijven groeien in de praktijk
De verhalen van Raymond en Merel laten zien dat intervisie niet draait om het vinden van de perfecte oplossing. De echte opbrengst zit vaak in iets veel kleiners: een vraag die blijft hangen, een nieuw perspectief of het inzicht dat je niet als enige met dit dilemma worstelt. Juist daarom is intervisie voor veel toezichthouders een waardevolle aanvulling op opleidingen en trainingen.
Waar een opleiding de kennis en de kaders biedt, helpt intervisie om die kennis te verbinden met de dagelijkse praktijk. Want uiteindelijk ontwikkel je je als toezichthouder niet alleen door te leren, maar vooral door samen te blijven reflecteren.
Misschien is dat wel de belangrijkste les die deze toezichthouders delen. Goed toezicht begint niet met alle antwoorden te kennen. Het begint met de bereidheid om jezelf de juiste vragen te blijven stellen.
Voor toezichthouders en commissarissen die willen reflecteren op de eigen rol, met behulp van zelf ingebrachte casuïstieken uit de eigen praktijk, organiseren we de Intervisiesessies voor RvT-voorzitters en ook voor RvT-leden. Meld je aan, of neem bij vragen contact op met Caroline Wijntjes die deze sessies begeleidt.