Stel je voor: je leest een rapport van dertig pagina’s over een financiële ontwikkeling in de zorg. Normaal zou je je er een halve dag op stukbijten. Nu vraag je AI om een samenvatting met relevante aandachtspunten voor je gesprek met de bestuurder. Binnen enkele minuten heb je helderheid. Klinkt efficiënt? Absoluut. Maar er schuilt ook een risico in.
“Mijn grootste zorg is dat er nog zoveel mensen niet mee bezig zijn”, zegt Jan Wietsma. Als toezichthouder en docent bij De Erkende Toezichthouder volgt hij de ontwikkelingen rondom AI op de voet. “De snelheid waarmee AI zich ontwikkelt, wordt onderschat. Dit raakt alle facetten van het werk, van je baan tot het bestaansrecht van een organisatie.”
Geen ruimte meer voor blinde vlekken
Jan Wietsma is opgeleid als accountant en sinds 2007 actief als toezichthouder, onder meer in de zorg. Als docent in onze academie deelt hij ervaringen over het gedrag achter financiën en business intelligence. Hij ziet hoe AI kansen biedt én waarschuwt voor gemakzucht. “Het risico is dat alles klakkeloos wordt aangenomen wat AI oplevert. Dat je als toezichthouder het denkvermogen uitschakelt.”
AI maakt diepgaande analyses mogelijk, ook bij beperkte capaciteit. Maar dan moet je wél weten wat je ziet. “Het is belangrijk dat je als toezichthouder begrijpt hoe een model werkt. Welke aannames zijn gedaan? Wat is de validiteit van het algoritme? En welke data zijn gebruikt?”
‘Je moet weten waarop je toezicht houdt’
Volgens Jan verandert de rol van de toezichthouder. “Je moet het bedrijfsmodel van de organisatie begrijpen. De context waarin die werkt. Alleen dan kun je cijfers echt beoordelen. Cijfers zijn geen waarheid. Het zijn uitkomsten van een proces.”
Als toezichthouder betekent dat: doorvragen. Altijd. “Als je niet goed snapt waar de cijfers vandaan komen, krijg je een alternatieve werkelijkheid voorgeschoteld. Maar dan ligt dat niet aan de techniek. Dan ligt dat aan jouw gebrek aan kennis van de organisatie.”
AI vraagt om kritische vragen
Toezichthouders moeten leren denken in AI-vragen. Vragen die verder gaan dan: ‘Wat is de uitkomst?’ Denk aan: is dit resultaat gegenereerd door AI? Wat waren de uitgangspunten? Welke systemen zijn gebruikt? Wat mogen wij als organisatie wel en niet met AI doen?
Een AI-clausule opnemen in het toezichtplan is volgens Jan geen gek idee. “Het gaat niet alleen om techniek, maar om verantwoordelijkheid. AI is een goede denkkracht, maar het besluit blijft bij de mens. De creativiteit en de originaliteit, die kan AI niet overnemen.”
Nieuwe verantwoordelijkheden voor bestuurders
Niet alleen de rol van de toezichthouder verandert. Ook het gedrag van bestuurders is essentieel in deze ontwikkeling. “Bestuurders moeten weten wat wel en niet kan met AI. En zorgen dat medewerkers dat ook begrijpen. Je kunt bijvoorbeeld elke twee weken een AI-overleg laten plaatsvinden. Dat helpt om bij te blijven.”
Daarnaast roept AI nieuwe vragen op over de inrichting van het team. “Welke medewerkers zijn geschikt om met AI te werken? Welke niet? Welke taken vervallen en welke komen erbij?” Die vragen verdienen aandacht in de dialoog tussen bestuurder en RvT.
‘De mens blijft verantwoordelijk, niet het algoritme’
Voor concrete voorbeelden van AI in mijn RvT-praktijk is het nog te vroeg, zegt Jan. “Een rapport in de zorg doornemen en analyseren? Laat AI de relevante punten eruit halen. Zo kun je als toezichthouder beter voorbereid het gesprek aangaan.”
Toch is zijn boodschap helder: “AI is geen hype. Net als bij de opkomst van internet in de jaren ’90: we onderschatten nu de impact. Maar straks weten we niet beter.”
Wie toezicht houdt op financiën, moet zich verdiepen in AI. Niet morgen, maar vandaag. Want zoals Jan het zegt: “Je moet er als toezichthouder mee aan de gang. Je kunt het niet links laten liggen.”
Tijdens de verdiepingsmodule Toezicht op financiën & business intelligence leer je effectief toezicht houden op financieel gedrag, data en informatie. Ook werk je het toetsingskader uit op een manier die werkt voor jouw RvT. Neem bij vragen contact op met Caroline Wijntjes.