Ruth: ‘We leren elkaar beter kennen én versterken zo ons toezicht’

Toezicht houden saai of afstandelijk? Niet als je het samen doet. Ruth is pas net actief in een RvT, maar weet nu al hoe belangrijk het is om elkaar écht te leren kennen. In deze blog deelt ze hoe haar RvT samenwerkt aan vertrouwen, verdieping en een frisse manier van toezicht houden. “Iedereen wil vooruit. Dat voel je aan alles.”

“Laatst hadden we een extra vergadering. We hadden het MT uitgenodigd – twee managers en de bestuurder – om te sparren over een thema. Geen standaard overleg, maar echt een goed gesprek over de toekomst van de organisatie. We gingen het hebben over de beweging van zorg naar welzijn. De bestuurder en managers gaven een presentatie over waar ze mee bezig zijn en waar ze kansen en uitdagingen zien. Dit vond ik super interessant. En ook heel waardevol dat we als raad van toezicht de ruimte kregen om daar echt in mee te denken. Wat ik mooi vind, is dat iedereen in onze RvT een andere achtergrond heeft. Daardoor kijken we allemaal net even anders. Dat vult elkaar aan. Extra denkkracht dus.

Wat ik misschien nog wel leuker vond, was het dagdeel dat we als RvT hadden ingepland om echt stil te staan bij hoe we willen samenwerken. We zijn met z’n vijven en allemaal vrij nieuw in deze RvT. We gebruikten een simpele werkvorm om elkaar beter te leren kennen: je hand als kapstok. De pink stond voor waar je nog in wil groeien, de duim voor waar je goed in bent, de middelvinger voor waar je lak aan hebt, en de ringvinger voor waar je trouw aan bent. Iedereen kreeg de ruimte om z’n verhaal te doen, en er werd echt geluisterd. Het was open, persoonlijk en heel ontspannen. Je leert elkaar niet alleen professioneel beter kennen, maar ook als mens. Daardoor voel ik me nog vrijer om mezelf te laten zien en dingen te zeggen.

Voor mij zat er ook een mooi leermoment in. Ik merk in vergaderingen dat ik soms net iets te lang nadenk over hoe ik een vraag het beste kan stellen. En nog voordat ik de vraag überhaupt gesteld heb, stelt iemand anders de vraag al. Door de open communicatie onderling heb ik dit durven aangeven. Waarop een collega reageerde: ‘Zit ik jou dan in de weg?’ En ik zei: ‘Nee hoor, helemaal niet. Maar ik wil wel leren om sneller te reageren.’ Toen zei hij weer: ‘Dan geef ik de volgende keer wat meer ruimte.’ Zo’n moment blijft me bij, want dat is precies wat ik waardeer in deze groep. We helpen elkaar om beter te worden, zonder oordeel.

Ik heb veel respect voor de ervaring van mijn collega toezichthouders. Ze nemen me serieus en hebben een open houding. Dat voelt fijn. Ik kijk niet tegen ze op, maar wel naar ze op – in positieve zin. Ik wil leren van hoe zij het aanpakken. Tegelijkertijd merk ik dat ik ook iets toevoeg, juist met mijn frisse blik. Dat wordt gewaardeerd.

Wat me energie geeft, is dat we nu echt als team iets aan het opbouwen zijn. We hebben nog twee sessies gepland van vier uur waarin we verder nadenken over hoe we toezicht willen houden. Hoe richten we de vergaderingen goed in? Wat willen we, naast de vaste punten, op de agenda bespreken? En hoe brengen we onze visie beter naar voren?

Het voelt nu al heel anders dan toen we net begonnen. Door elkaar beter te leren kennen, krijg je meer vertrouwen. En dat merk je in alles. Er is een positieve vibe. Iedereen wil vooruit. Dat maakt het gewoon leuk om samen aan de slag te zijn.”

Wil jij net als Ruth op ontdekking gaan in de wereld van het toezicht houden? Of ken je iemand in je netwerk die deze stap wil zetten? Tijdens de ‘oriëntatieweek: Is toezichthouder worden iets voor mij?‘ kun je op een laagdrempelige manier ontdekken of dit vak bij je past. Of neem bij vragen contact op met Caroline Wijntjes. 

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *